La Douce Blonde

Francofiel én bierliefhebber, je zal het maar allebei zijn. Dat betekent op zijn minst schizofrene vakanties, want in Duitsland en Engeland mag je dan fatsoenlijk bier kunnen drinken, je kunt er lang zoeken naar respectievelijk subtiel eten en lekker weer. En kom je het jaar erop weer culinair en klimatologisch bij in de Provence, dan laat je het gerstenat maar beter weer even staan.


De traditionele Franse bierscene lijkt beperkt tot drie regio’s die zichzelf nauwelijks Frans achten. Allereerst is er Normandïe/Bretagne, waar een enkele verdwaalde Angelsaks vaak niet onverdienstelijke real ales aan de man brengt. Dan vinden we bij de Noord-Franse grens (van Nord-Pas-de-Calais tot aan de Franse Ardennen) de bières de gardes en saisons. Tot slot is er natuurlijk de Elzas, het reserve-Duitsland van Frankrijk, waar niet alleen de industriele ‘pilsnèrs‘ van Kro’ en ’33 vandaan komen maar waar ook kleine brouwerijtjes tussen de wijnranken te vinden zijn.

Dit jaar togen we vanwege de weersomstandigheden direct richting het zuiden van Frankrijk, de Lubéron om precies te zijn. Een heerlijke streek met prima wijn, lekker weer en heerlijk eten. En tot mijn niet geringe verbazing – ook met een micro-brasserie, een biologische zelfs. Dat ze die de, voor Hollandse bezoekers, wat ongelukkige naam “BAL”  hadden gegeven is ze vergeven – ondanks de enorme meute aan medelanders zullen de Fransen per slot van rekening eerder rekening houden met Vietnamezen dan met ‘les plaques jaunes’, en het was nu eenmaal de afkorting van deBrasserie Artisanale du Lubéron.

Op een kleine marché artisanale dronken we, en niet eens als enigen, tussen de wijnboeren en de geitenkaasjes een flesje ‘brune’ en de onvermijdelijke ‘blonde’. Die laatste was matig, maar de brune – die had zowaar de smaak van gebrande mout! Het leek warempel wat van een stout weg te hebben. Iets te zoet voor mijn smaak, dat dan weer wel. Een paar dagen later dronken we, echt waar, een IPA. Ook van BAL. Met houblon. Niet heel veel, en ook niet té bitter, maar toch, onmiskenbaar, hop.

Daarmee hebben we de bierhoogtepuntjes van de vakantie helaas wel gehad. De brune en de IPA van BAL heb ik niet meer gezien, wel hun ‘normale’ gamma – een iets te zoete blonde (met lokale, bio kruidnagel), een nietszeggende ambrée en een blanche. En ondanks dat we er niet écht naar op zoek zijn geweest dit jaar, en ondanks dat er heus wat pareltjes te vinden zullen zijn, kun je bij het onverwachts aantreffen van ambachtelijk bier in Frankrijk rekenen op het volgende:

  • Een blonde (iets te zoet, iets te weinig hop en met 6-7% alcohol).
  • Een ‘regionale’ met een streekproduct erin verwerkt. Als je gelukt hebt proef je dat niet terug, want de keuze is soms wat ongelukkig; linzen uit Puy, rijst uit de Camarque of bessen uit de Bourgogne. De poulet de Bresse, of jambon de Bayonnne heb ik nog niet gezien, maar die is er vast ook.
  • Een aantal niet-tegen-de-borst-stotende, weinig indrukwekkende rousse, ambrée ofblanche bieren.

Een geuze, een faro en nog wat rommel (respectievelijk zoet-zuur, zoet-zoet-zuur en zoet) uit de Super U later had ik het wel weer gezien, en verder heb ik het maar bij de pastis en rosé gehouden. En dan is het toch weer een voordeel dat ik wél bierliefhebber, maar géén wijnhater ben!

– Dit verhaal verscheen eerder op Mout en Peper

Deel dit bericht:

    4 thoughts on “La Douce Blonde

    1. Bonjour,
      Niet alleen het bier buiten de traditionele brouwende Franse grensregio’s is matig, de etiketten zijn meestal ook niet om aan te gluren. Case in point: het plaatje bij dit artikel. Er staat meestal een (slecht) getekend dier op of een vrouw met blote tieten. Het laat zien dat voor Fransen bierbrouwen vaak niet meer dan een lolletje is. Als het maar vloeibaar is, vinden ze het algauw goed, is mijn indruk. De interesse voor speciaalbier is er al wel, maar verder dan Leffe of Affligem komt de gemiddelde Franse bierdrinker nog niet.
      Komt dit bekend voor? Precies, dit is kortom het niveau dat bierbrouwen in Nederland in de jaren tachtig had. Dus geef het nog een jaartje of twintig, en wie weet gaan er in Frankrijk nog mooie dingen gebeuren…

    2. Het aanbod aan bier moet vooral worden gezocht in de vraag naar bier. Er zijn drie categorieën: pils (zoals in elk land, en die drinkers gaan niet snel veranderen), regioproduct (zoals reeds genoemd) en speciaalbier.

      Regioproduct worden gemaakt door brouwers die in een meestal vrij kleine brouwerij een blonde, ambrée, brune en misschien een Noël of Pirntemps maken. Soms (helaas) een hand kruiden erbij en dat is het dan. Soms zijn de blanche of brune van deze aanbieders verrassend aardig, met fijne smaak, maar bijna altijd is het te zoet en onderontwikkeld. De inderdaad die afschuwelijke labels… Deze brouwers hebben geen idee en/of interesse in nieuwe stijlen. Zo vroeg ik al eens waarom mijn meeste lokale brouwer geen Engelse stout, Duitse Weizen of bokbier (historisch zeer bekend in Frankrijk) maakte. Antwoord: ik maak al alle kleuren (sic) en anders heb ik een hele andere installatie nodig… Tja.

      Maar dan speciaalbier! Inderdaad is het devies ‘Belgisch bier is het beste van de wereld’ en daarmee wordt niet verder gekeken dan Leffe, Hoegaarden of wellicht een trappist. Maar, en hier komt de kicker, waarom kun je dan inmiddels in veel supermarkten al Punk IPA en Brooklyn kopen? Dat is er niet voor de toeristen kan ik je zeggen, nee, langzaam maar zeker druppelt het door in de grote en kleinere stad dat er meer is. Bier met smaak en bitterheid. 20 jaar hoeven we dus echt niet te wachten, Roel!

      Ten slotte moet ik niet de echte Craft brewer in Frankrijk vergeten. Dit zijn er steeds meer en vaak goed ook, maar beschikbaar blijft nog beperkt tot Parijs en een handjevol bars verspreid over Frankrijk. Als vakantieganger heb je daar minder aan.

      Tenzij je een citytrip Parijs doet. Vergeet dan niet langs te gaan bij brouwerijen Deck & Donohue, La Goutte d’Or en brouwpub La Triangle. Denk Chai IPA, pale ales met experimentele Franse hoppen, Wheat Sour in Amerikaanse stijl en meer…

      • Ik heb van andere takken van commercie wel eens begrepen dat Frankrijk toch altijd een paar jaar achter loopt ten opzichte van Nederland (en wij volgens mij weer een paar jaar op andere landen), als het tenminste aankomt op trends van buiten. Vijf jaar geleden waren er in NL ook maar een paar craft brewers en concentreerde de rest van de brouwers zich voornamelijk op blond/dubbel/tripel en onze local hero, de (herfst)bock. Wat dat betreft is er niet zo veel verschil denk ik inderdaad. Over vijf jaar zullen ze in Frankrijk vermoedelijk dus ook over hipsters en de alom aanwezige IPAs klagen ;-)

    3. Ik denk ook dat het heus wel bij zal trekken. Maar ten eerste is het altijd lekker om even flink te zeuren, en daarbij, als niemand dat doet, dan verandert er nooit wat! :-)

    Leave a Reply

    Your email address will not be published. Required fields are marked *